Omgaan met weerbarstige collega's

Wie last heeft van weerbarstige collega’s, heeft vaak de neiging nog harder te gaan overtuigen. Toch bereik je meer door je eigen agenda te laten vallen.

Last van weerstand?

Koppige collega’s, meningsverschillen in een team of regelrechte confrontaties zijn lastig en lijken onvoorspelbaar. Bovendien krijg je vaak het gevoel dat je weinig kan doen om te voorkomen dat iemand de hakken in het zand zet. Gelukkig is dat niet altijd het geval. Met enkele handige tips, kan je open en eerlijk gesprekken voeren en de samenwerking met je collega terug vlot trekken.

Een gesprek in handen nemen voor het gemeenschappelijk belang

Een drammerige collega die wil dat jij een shift overneemt, terwijl je zelf vrij hebt gepland. Iemand uit je team die de hele tijd loopt te zeuren op het werk en niet reageert op subtiele hints om daar iets aan te veranderen. Of een collega die bij elk nieuw idee in het verzet gaat. Werken met anderen is niet altijd een feest.

Zodra het gaat om communicatie, is de valkuil groot om vanuit je buik te reageren. Voor je het weet, begin je te bekvechten, voel je je persoonlijk aangesproken of verval je in emotionele of persoonlijke argumenten.

Hoe komt dat? Waarom hebben mensen het gevoel dat ze hun gesprekspartner belazeren als ze gesprekstechnieken gebruiken? 

Tom Iterbeke (tweetakt): “Manipuleren betekent dat je op slinkse wijze je doel probeert te bereiken en de ander onrecht aandoet. Dat is bij gesprekstechnieken niet het geval, integendeel. Je zorgt er voor dat een gesprek op zo’n manier verloopt, dat je elkaar beter begrijpt. Dat zit ook ingebakken in de tips en tricks die we vandaag willen meegeven aan artsen en zorgverleners.”

Werken met weerstand

Een weerbarstige collega's die begint te ja-maren of vooral problemen ziet:  weerstand is frustrerend en lijkt vooral tijdverlies. Maar eigenlijk is weerstand goed nieuws. Want zodra een collega tegenpruttelt, geeft dat een kans om door te vragen op zijn bezwaren en te zoeken naar echt engagement.

Goede ideeën hebben en plannen maken is niet voldoende. Collega’s en andere betrokkenen meenemen in je verhaal is een even belangrijke stap. Bij weerbarstige collega’s, is je natuurlijke neiging misschien om te gaan overtuigen. Dat voelt goed, maar is hard zwoegen en werkt vaak niet. Voor elk argument bestaat er immers een tegenargument en je daagt je gesprekspartner uit om zich nog meer in te graven in zijn eigen gelijk. Je hebt dus iets anders nodig.

Tegen-instinctief reageren

Weerstand opvangen doe je in de eerste plaats door géén tegengas te geven. Je laat je eigen agenda vallen en bent echt benieuwd naar de argumenten van de ander. Dat is een aanpak die erg onnatuurlijk aanvoelt. Maar het is onwaarschijnlijk effectief.

Door oprecht te luisteren, begrijp je de ander beter en voelt die zich gehoord. Dat betekent niet dat je zijn argumenten moet volgen. Zodra je begrijpt wat er aan de hand is, kan je zeggen wat jij er van vindt. En doe je een voorstel. 

Dat klinkt allemaal soft en omslachtig, maar dat is het niet. Je doet een voorstel dat tegemoet komt aan wat je weerbarstige collega nodig heeft, zonder je eigen mening overboord te gooien. Zo kan je bijvoorbeeld suggereren om samen oplossingen te zoeken voor de praktische gevolgen van je plan.

Vind je geen voorstel waar je collega tevreden mee is? Nodig hem dan uit om zelf een voorstel te doen. 

Onderhandelen zonder verliezers

Soms kom je er niet met wat praten en nadenken. Het water blijkt soms te diep en je komt niet tot een goede oplossing. In dat geval kan je gaan onderhandelen. We gaan er van uit dat je met je gesprekspartner nog door één deur wil na je onderhandeling. Je moet dus op zoek naar een oplossing waar je allebei blij mee bent.

In een eerste stap ben je benieuwd naar wat de ander echt belangrijk vindt. Je stapt dus weg van meningen en standpunten, maar zoekt het belang. “Je zegt dat je woensdag vrij wil. Waarom is dat belangrijk?”. Vraag door: ook verborgen belangen zijn belangrijk! Zodra je denkt dat je alle belangen van de ander begrijpt, vertel je wat jij belangrijk vindt.

In een tweede stap verzamel je zoveel mogelijk opties en alternatieven. Dat geeft zuurstof aan het gesprek en helpt om met verrassende ideeën te komen. Denk creatief mee en laat je niet afleiden door je eigen voorkeur of wat realistisch is. 

Tenslotte bekijk je samen de opties waar je allebei een gevoel bij hebt. In heel wat gevallen, komt er zo snel een goede oplossing op tafel.

Samengevat komt het er op neer dat je een goed gesprek probeert te voeren door eerst echt en oprecht te luisteren. Pas daarna zeg je wat je er zelf van vindt en zoek je een oplossing waar iedereen tevreden mee is. Niet ieders intuïtieve aanpak, maar het werkt wel een pak beter!

Leren overtuigen?

Je leest er hier meer over.

Leren omgaan met weerstand?

Je leest er hier meer over.

Leren onderhandelen?

Je leest er hier meer over.